Toen na de operatie bleek dat de tumor groter en agressiever was, kreeg ik alsnog chemotherapie aangeboden. Als ze van tevoren hadden geweten dat de tumor zo groot was, had ik vóór de operatie chemo gehad om de tumor kleiner te maken.
Nu de tumor weg was, was het niet mogelijk om te achterhalen of die überhaupt had gereageerd op de chemo. Van mijn chirurg begreep ik dat chemo bij drie op de honderd vrouwen werkt; een kleine kans, maar ‘ieder leven is er een’.
Gekscherend vroeg ik aan mijn chirurg of ze niet een stukje tumor in een petrischaaltje kon doen met wat chemo erbij.
Maar zover zijn ze nog niet. Na de heftige boodschap dat ik alsnog chemo zou krijgen, dacht ik meteen aan mijn darmen, waar ik al problemen mee heb sinds mijn galblaasoperatie eind 2016. Keigezond was ik, dacht ik, maar uit het niets werd ik in drie weken tijd drie keer met spoed opgenomen. Doodziek was ik. Lever- en alvleesklierontsteking en uiteindelijk een half afgestorven galblaas die eruit moest. Oorzaak onbekend.
Het schijnt dat tien tot twintig procent van de mensen die zo’n operatie ondergaan, darmproblemen krijgen of ontwikkelen. Artsen weten niet waar dat aan ligt. Een tante die lang geleden ook zo’n operatie nodig had, vertelde opgewekt dat ze na twee weken weer alles kon eten en doen. Net als een oom van mij.
De toestand van mijn darmen is veel bepalender voor mijn dagelijks leven dan mijn borstkanker. Ik ben nooit ziek geweest van de borstkanker; alleen van de behandelingen. Maar die darmproblemen zitten wel het herstel van de borstkanker in de weg. Het was de reden om geen chemotherapie te doen. In plaats daarvan startte ik met hormoontherapie.
De hormoontherapie heb ik na drie maanden moeten staken vanwege de bijwerkingen; met name op -je raadt het al- mijn darmen. Ik kreeg even pauze van de oncoloog. Omdat de medicatie nog lang doorwerkt, zou ik niet ‘onbeschermd’ zijn. Die pauze kwam precies aan het einde van twee lange maanden regen. De zon ging weer schijnen, ik kreeg weer energie en ik ging naar buiten.
In de achtertuin ben ik los gegaan op de inrichting van onze overkapping. Die was opgeleverd op de dag dat ik het knobbeltje ontdekte. Van de oude kinderbedden heb ik loungebanken gemaakt. Ik moest ze daarvoor uit elkaar halen, want ze waren te breed. Ik heb zó fijn staan timmeren, zagen, boren, schroeven en schilderen. En het resultaat mag er zijn al zeg ik het zelf; we hebben er enorm veel plezier van.
Na zeven weken hervatte ik de hormoontherapie, deze keer met zogenaamde aromataseremmers. Die geven minder bijwerkingen normaal gesproken. Het begon heel goed, maar na verloop van tijd kwamen er toch weer bijwerkingen. Vermoeidheid en slecht slapen bijvoorbeeld, maar toch ook weer die darmen. Ik mocht weer tijdelijk stoppen en heb nu een pauze achter de rug van vier weken. Ik heb bijna een jaar hormoontherapie erop zitten, nog vier jaar te gaan.
Mijn lichaam is compleet uit balans en het is zoeken om die balans weer terug te vinden.
